In het vormgedicht, ook wel
typografisch gedicht, of concrete poëzie genaamd, is de vorm van
groot belang voor de inhoud. De inhoud van dit gedicht wordt door de vorm
ervan uitbeeld, nader uitgelegd, of benadrukt.
Bedenk een concrete vorm,
die makkelijk te tekenen is: B.v. een voorwerp, of een dier.
Je bedachte vorm kan je
opbouwen uit woorden, die voor jou iets met die vorm te maken hebben.
Maak daartoe eerst een associatielijst in het Nederlands van bijvoorbeeld
de kenmerkende eigenschappen.
Vertaal deze woorden in
een MVT. Vorm en inhoud zijn dan met elkaar in harmonie.
Je kunt ook woorden gebruiken
die juist contrasteren met de vorm.
Teken eerst de bedachte
vorm vaag in potloodlijnen.
Schrijf nu je gekozen woorden
netjes op die lijnen en gum ze vervolgens voorzichtig uit.
Klaar is je vormgedicht.
LA
CRAVATE ET LA MONTRE
À Édouard
Férot
LA
TE
C VA
RA DOU
LOU
REUSE
QUE TU
PORTES
ET QUI T '
ORNE O CI
VILISÉ
OTE- TU VEUX
LA BIEN
SI
RESPI
RER
MME L CO'ON S'ASE MU BI EN
lesla heures et lebeau versMon dantesquecoeurté luisant et cadavériquede la le belles inconnuIlyeuxvie estEt -toutpas 5se les Musesenrase
aux portes definfi ton corpsnil'enfantla dou l'infinileur redresséAgia par un foude de philosophe mou rir semainela main Tireis